Coöperatieve sociale economie

Printervriendelijke versie

Binnen de sociale economie spreken we van participatieve coöperaties als we het hebben over ondernemingen die, meestal onder de juridische vlag van de coöperatieve vennootschap, een economische activiteit ontwikkelen en daarbij volgende principes nastreven:

  • Via maximale participatie van de werknemers streven naar een optimale individuele en collectieve ontwikkeling, werken aan een democratische beheers- en beslissingsstructuur, waarbij er naar gestreefd wordt alle werknemers zo veel mogelijk zeggenschap te geven, onafhankelijk van het ingebrachte kapitaal.
  • Voorrang geven aan activiteiten, producten en productiemethoden die op korte en lange termijn het leefmilieu respecteren.
  • Economische leefbaarheid: men probeert een leefbaar, rendabel bedrijf uit te bouwen waarbij efficiëntie en winst een noodzakelijk maar niet alleenstaand onderdeel zijn.
  • Streven naar socialisatie van de winst: eerder dan uitgekeerd te worden aan kapitaalsverstrekkers worden financiële winsten bestemd voor de ondersteuning van de ruime maatschappelijke doelstellingen van de onderneming.
  • Een coöperatief bedrijf streeft maximaal naar samenwerkingsverbanden met andere coöperatieve bedrijven.

(principes uit de beginselverklaring van Coopkracht)

 

Nationale Raad voor de Coöperaties

Deze afbakening is duidelijk beperkter dan de bijna 500 initiatieven die een mix van coöperatieve waarden in de praktijk brengen en erkend zijn door de Nationale Raad voor de Coöperatie (NRC). Bovendien zijn niet alle participatieve coöperaties aangesloten bij de NRC.

In België zijn er bijna 40.000 vennootschappen die zich het soepele juridische jasje van coöperatieve vennootschap aanmaten, maar slechts een kleine minderheid doet dit met de overtuiging om op een coöperatieve manier te ondernemen.

De huidige wet voor de instelling van een Nationale Raad voor de Coöperatie dateert van 1955. Nu de NRC meer dan 50 jaar bestaat, heeft de NRCcommissie in het voorjaar van 2010 een aangepaste wetgeving voorgesteld. Het gaat om een herschrijving van de wet van 20 juli 1955 die een NRC instelt en van het koninklijk besluit van 8 januari 1962 dat de erkenningsvoorwaarden voor coöperaties of groepen van coöperaties regelt. De nieuwe bepalingen zouden voor vereenvoudiging moeten zorgen; vereenvoudiging bij de samenstelling en de werking van de NRC, vereenvoudiging ook van de erkenning en ten slotte moeten ze het instituut NRC moderniseren, zodat de NRC voluit zijn rol kan spelen als promotor van de coöperatieve sector.

 

Coopkracht

Om de participatieve coöperaties op de voorgrond te brengen, werkten een aantal organisaties in 2003 het gezamenlijk het project Coopkracht uit, dat de steun kreeg van de Federale Minister voor Sociale Economie.