Frisk werkt samen met sociale economie binnen lerend netwerk co-creatie

In 2015 vond het lerend netwerk co-creatie plaats. In de schoot van dit netwerk werd een opvallend project uitgerold: de samenwerking tussen Frisk en enkele arbeidszorginitiatieven in Vlaams-Brabant rond het hergebruik van afval.

De start: minder bedrijfsafval, meer recyclage
Deze lente bevestigde de Vlaamse regering dat ze verder wil investeren in het omzetten van afval tot nieuwe grondstof. Eén van de grote uitdagingen is het homogeniseren van de materiaalstroom om tot een hoogwaardige grondstof te komen. Het homogeen maken van stromen betreft vaak routinematige taken die perfect in het kader van sociale economie kunnen uitgevoerd worden. Een opportuniteit dus om spelers uit de sociale en reguliere economie samen rond de tafel te brengen. 

Voldoende basis voor Frisk en TwerkT om een gezamenlijk project op te starten. Binnen het lerend netwerk co-creatie wilden ze hun ambitie toetsen aan de praktijk, om de prille samenwerking tot een duurzame relatie te laten uitgroeien. Deelnemers aan het project waren Frisk enerzijds (CEO Kris Baeckelant) en verschillende partners uit de sociale economie in Vlaams-Brabant anderzijds (met arbeidszorginitiatieven VZW Hestia en VZW Oostrem als trekkers).

De uitdaging: muntdoosjes verwerken
Frisk heeft maandelijks ongeveer 2.000 kg muntdoosjes die niet aan de (hoge) kwaliteitseisen voldoen en uit productie worden genomen. De muntdoosjes zijn van een hoogwaardig materiaal, maar door het papieren etiket verdwijnt het als gewoon plastiek in de afvalstroom. Door het ontlabelen van de afgekeurde muntdoosjes zouden deze terug een basisgrondstof van hoogwaardige kwaliteit worden, maar ontlabelen is economisch onhaalbaar. Het homogeen maken van stromen betreft vaak routinematige taken die perfect in het kader van sociale economie kunnen uitgevoerd worden.

Na een hele periode van onderhandelen, aftasten en uitproberen werd in juni 2015 de beslissing genomen: TwerkT en Frisk gingen effectief samenwerken. Het afgelopen jaar werd de markt van de afvalverwerkende bedrijven en extrusiefirma’s verkend. De logistiek van de in-en uitstroom van het materiaal moet worden georganiseerd. De ontlabelde doosjes moeten vermalen worden en het granulaat moet verkocht worden. Hierbij moet TwerkT actief op zoek naar lokale ‘regranulators’ voor ABS. Uit stalen van het granulaat blijkt dat het hoogwaardige ABS plastic betreft, dat perfect gevaloriseerd kan worden als hoogwaardige grondstof voor onder meer 3D-printing.

Het project wordt pas rendabel wanneer TwerkT het granulaat zelf kan doorverkopen aan de desbetreffende firma’s. De rentabiliteit zit in het feit dat een grote hoeveelheid granulaat gezamenlijk wordt aangeboden aan een extrusiefirma. Maar hiervoor is een grote opslagruimte noodzakelijk (om het vermalen product te verzamelen) en dient een shredder te worden aangekocht. Er is voldoende capaciteit (2000 kg /maand) om deze investering te laten renderen en het biedt op termijn bijkomende mogelijkheden aan recyclage-activiteiten voor de sociale economiepartners.

De beoogde resultaten zijn drievoudig:

  • Ontlabelen van een capaciteit van 24.000 kg doosjes per jaar door een veelheid aan arbeidszorgprojecten uit de provincie Vlaams-Brabant (generen van een constante werkopdracht)
  • Financieren van verschillende arbeidszorginitiatieven via deze nieuwe arbeidszorgactiviteit (economische waarde)
  • Meebouwen aan de toekomst door een groep mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt tewerk te stellen én mee te werken aan een wereld met minder afval.

De maatschappelijke meerwaarde:  8x meerwaarde
In enkele werksessies evolueerden de deelnemers van project naar resultaten met een grote maatschappelijke meerwaarde, meer dan de louter economische meerwaarde (tewerkstelling en inkomsten). Hiervoor vertaalden we het Business Model Canvas[i] (BMC) naar co-creatieve samenwerkingsverbanden met een maatschappelijke meerwaarde, vandaar het Social Business Model Canvas. Vanuit de bouwsteen ‘waarde propositie’ van het BMC worden de bouwstenen rond ‘klantsegment’ en ‘inkomstenstromen’ uitgebreid naar alle mogelijke begunstigden in de maatschappij (klant en begunstigden) en naar de meerwaarde die de organisatie creëert voor alle begunstigden (“inkomsten, maatschappelijke meerwaarde”). Om te komen tot een samenwerking op lange termijn is het belangrijk dat beide partners dezelfde waarden delen en zich engageren om vanuit een gemeenschappelijk gedragen visie te gaan samenwerken (creating shared value).  De resultaten worden hieronder weergegeven:

  • Meerwaarde voor de gebruikers van arbeidszorg:Via de samenwerking met Frisk creëren we nieuwe werkopdrachten. Al jaren wordt arbeidszorg geconfronteerd met een inkrimpende markt van semi-industriële activiteiten. De Frisk-opdracht zorgt voor nieuw, eenvoudig en routinematig werk waarbij mensen die anders uit de arbeidsmarkt geweerd worden nu zinvol werk kunnen verrichten. Dit resulteert in de versterking van de latente functies van arbeid. Cliënten in arbeidszorg voelen zich gewaardeerd als een belangrijke schakel in een groter economisch en maatschappelijk geheel. Het maakt mensen fier en trots op wat ze presteren. Het verrichten van zinvolle arbeid geeft structuur aan het leven en helpt nieuwe sociale contacten op te bouwen.

  • Meerwaarde voor de partnerorganisaties:VZW Hestia en VZW Oostrem kunnen via deze tewerkstellingsinitiatieven een deel van hun doelgroepmedewerkers laten participeren aan dag-structurerende activiteiten. Hierdoor moet er minder zorg inzet worden in de woonvormen. Het feit dat cliënten overdag naar een werkplaats kunnen komen maakt de leefsituatie voor gezinnen en families met een arbeidsgehandicapte draaglijk.  Zorg kan zo anders ingezet worden.

  • Meerwaarde voor tewerkstellingspartners uit de regio: VDAB, GTB, OCMW (art 60), GOB’s, RVA,… maken gebruik van de structuur van de werkplaatsen van Hestia. Hier kunnen cliënten terecht die in een ander tewerkstellingsproject geen kans krijgen. In arbeidszorg kan de nadruk zowel op zorg als op arbeid liggen. Iedereen kan hier stapsgewijs de nodige vaardigheden en competenties aanleren. Dit maakt deze projecten uniek en laagdrempelig in de regio, waar ook voor de ‘moeilijke gevallen’ van de tewerkstellingspartners succeservaringen kunnen gecreëerd worden.

  • Meerwaarde voor de samenleving in het algemeen: Hestia financiert haar projecten met eigen middelen. De overheid zet met haar tewerkstellingsbeleid in de sociale economie sterk in op doorstroom naar reguliere economie, zodat organisaties zoals Hestia (die werken met mensen met een beperkte kans op doorstroom) geen middelen krijgen voor hun projecten. Het opzetten van arbeidsintensieve projecten voor deze mensen zorgt ervoor dat zij beter (her)integreren in de maatschappij. Ontegensprekelijk een meerwaarde voor de samenleving, zij het niet erg zichtbaar of voelbaar.

  • Meerwaarde voor de overheid op vlak van gezondheidszorg: Door de samenwerking tussen Frisk en Hestia hebben personen met een psychiatrische of een mentale problematiek door de dag een zinvolle structuur en kunnen ze verder bouwen aan hun maatschappelijk herstel. Door het generaliseren van de latente functies van arbeid via alternatieve tewerkstelling neemt het aantal opnames in gespecialiseerde instellingen of psychiatrische ziekenhuizen sterk af. Een verblijf in een residentiële setting kost de maatschappij vele malen meer dan het financieren van activiteitencentra.

  • Meerwaarde voor de overheid op vlak van milieubeleid: Door deze samenwerking worden afvalstromen gereduceerd. Daarnaast wordt er een aanzienlijke kostenreductie gerealiseerd door materialen niet te verbranden maar te herwinnen, inclusief het verlagen van de emissie van fijn stof via de verbranding van CO2.

  • Meerwaarde voor commerciële klanten: Dankzij de inzet van de sociale economie ontstaan nieuwe grondstofstromen. Via het homogeen maken van afvalstromen ontstaan nieuwe, zuivere hoogwaardige kunststofstromen die verwerkt kunnen worden door economische spelers zoals extrusiefirma’s.

  • Meerwaarde op economisch vlak: Door het ontlabelen en shredderen van het product en het verkopen van het granulaat creëren wij inkomsten voor de sociale economie en kunnen we een antwoord bieden op de inkrimpende semi-industriële markt.

De toekomst
Om het proces van A tot Z te doen slagen werd al vlug duidelijk dat externe deskundigheid rond gerecycleerde plastic grondstoffen noodzakelijk was om de nodige contacten binnen die sector aan te kunnen spreken voor gebruik en verkoop. EnAdvis (een onderneming die zich focust op milieuprojecten met nadruk op afvalpreventie, hergebruik en recyclage passend in de cradle-to-cradle filosofie van materiaalkringlopen) stapte mee in het project.  De expertise zorgde voor een doorbraak in het proces, waardoor het traject, de werkprocessen, kwaliteitsvereisten, mogelijke investeringen, logistiek, …  van het begin van de keten (de ophaling bij Frisk) tot aan het eind (de verkoop van het granulaat) concreet kon worden uitgetest. De testen zijn positief en het is duidelijk dat het project op lange termijn kan slagen en de doelstellingen kan halen, mits belangrijke bijsturing rond de rollen en verantwoordelijkheden van de verschillende partners in het samenwerkingsmodel.

In oktober 2015 komt, onverwacht, het bericht van de sluiting van de Frisk-vestiging in Haasrode in 2016.  De toekomstvisie wordt hierdoor in één klap in vraag gesteld. Toch leert het Frisk-project ons heel wat voor de toekomst. Het project is een voorbeeld van hergebruik van materialen dat onmogelijk zou zijn zonder de hulp van verschillende partners: in de eerste plaats sociale economie organisaties (in casu arbeidszorg), maar ook experten in afvalstromenbeheer (zoals EnAdvis), logistieke spelers en extrusiefirma’s.  Er was nog een lange weg te gaan om te groeien van een klassieke klant-leverancier verhouding naar een duurzaam ecosysteem, maar het pilootproject toont aan dat het economisch haalbaar kan zijn mits ondersteuning vanuit de overheid.  Deze ondersteuning is, gezien de maatschappelijke meerwaarde op het vlak van mens en milieu, zeker te verantwoorden.

De onmiddellijke meerwaarde van de samenwerking tussen Frisk en TwerkT ligt enerzijds in de ervaring van arbeidszorg met de toegevoegde waarde die zij kunnen leveren in de cradle-to-cradle uitdaging en anderzijds in de kennismaking met EnAdvis als deskundige in materiaalkringlopen.  Als gevolg van deze samenwerking werken zij nu samen op een pilootproject met het homogeniseren van afvalstromen bij ziekenhuizen. Via deze eerste stappen heeft de sociale economie bewezen een belangrijke én zelfs onmisbare schakel te kunnen spelen in de uitdaging van deze regering in het omzetten van afval tot grondstof.

 

Katleen Van Waeyenberge
Koenraad Van Hee
Binario

 

[i] De Social Business Model Canvas is gebaseerd op de Business Model Canvas (BMC) van Osterwalder (zie ook BusinessModelGeneration van Alex Osterwalder en Yves Pigneur - www.businessmodelgeneration.com).  Het vat alle facetten die invloed hebben op het creëren van meerwaarde samen in negen bouwstenen.