De comeback van de sociale economie
Ondanks alle onheilsberichten over bedrijven in moeilijkheden, massaontslagen en piekende werkloosheidscijfers is er toch één sector die het uitstekend blijft doen. De sociale economie met name; die een ware bloeiperiode lijkt te beleven. Maar of dat nu echt zo’n goed nieuws is valt nog te bezien.
(...)
De eerste golf kwam er in het begin van de negentiende eeuw en viel samen met de industrialisering en de doorbraak van het kapitalisme. Voor een groot deel van de bevolking betekende dat zoals bekend allesbehalve een zegen.
(...)
De tweede golf deed zich voor tijdens en na de grote crisis van de jaren 1870. Als nieuwe werkvorm ontstonden toen de landbouwcoöperaties en de spaar- en kredietcoöperaties.
De volgende golf kwam er na de crash van 1929 en de daaropvolgende grote depressie. Toen kwamen ook de consumptiecoöperaties voor voedsel en huisvesting in zwang.
De constante bij deze drie eerdere bloeiperiodes van de sociale economie lijkt te zijn dat ze ontstonden onder druk van de omstandigheden. En die omstandigheden kwamen erop neer dat de ‘reguliere‘ economie een groot sociaal deficit veroorzaakte waaraan de overheid niet kon en/of wou verhelpen.
Dat lijkt ook de voornaamste oorzaak van het ontstaan van de huidige - vierde - golf te zijn. Die is niet toevallig eind jaren zeventig opgekomen, samen met de aanvang van de 'neoliberale mondialisering'.
(...)
Er ontstonden dan ook tal van initiatieven die een oplossing wilden bieden voor de milieuproblematiek, de Noord-Zuidproblematiek en een hele reeks sociale kwalen zoals de sociale desintegratie en het nieuwe probleem van de structurele werkloosheid waarmee een groot deel van de vooral lagergeschoolden geconfronteerd werd.
En dat via het leveren van goederen en diensten - via economische activiteiten dus - maar dan op een manier dat niet alleen de organisatoren van die activiteiten daar voordeel bij hebben, maar ook de samenleving als geheel.
(...)
Het beeld dat de meeste mensen hebben van de sociale economie is dat van een sector die vooral werkverschaffing beoogt voor diegenen die in het normale economische circuit uit de bood vallen (of geduwd worden, zo u wilt).
Maar dat was oorspronkelijk dus niet helemaal het geval. De definitie die het Vlaams Overleg Sociale Economie in de jaren negentig hanteerde, was ruimer: "De sociale economie bestaat uit een verscheidenheid van bedrijven en initiatieven die in hun doelstellingen de realisatie van bepaalde maatschappelijke meerwaarden voorop stellen en hierbij de volgende principes respecteren: voorrang van arbeid op kapitaal, democratische besluitvorming, maatschappelijke inbedding, transparantie, kwaliteit en duurzaamheid."
(...)
Dat zijn evoluties die door de pioniers en de oude rotten in de sector soms met lede ogen worden aangezien. De gecombineerde invloed van een overheid die vooral activering hoog in het vaandel voert en werkgeversorganisaties die concurrentievervalsing vrezen en daarom vooral aandringen op meer ‘economische efficiëntie' en ‘marktconformiteit' zorgt er voor dat de sector grondig veranderd is.
(...)
Koen De Stoop
Koen De Stoop is redacteur bij de Gentse stadskrant TiensTiens. Dit artikel verscheen eerder in het zomernummer (nr. 22) van 'TiensTiens. De andere k(r)ant van Gent'.
Het volledige artikel en reacties van lezers op DeWereldMorgen.be
Verwante artikels
-
ABC van de sociale economie
-
Brochure Sociale economie: maatschappelijke winstmaximalisatie (oktober 2010)
-
Brochure: Sociale economie: maatschappelijke winstmaximalisatie (oktober 2010)
-
Initiatieles sociale economie
-
Maatschappelijke Verantwoording & Rekenschap in de sociale economie
-
Open Bedrijvendag 4 oktober 2009: Iedereen Win(s)t
Verwante nieuwsberichten
-
Een sociale werkplaats geeft mensen zin
-
DVD Sociale economie maakt het verschil
-
Nobelprijs voor de Economie gaat naar duurzame economie
-
WSE Rapport: Een monitor voor de sociale inschakelingseconomie in Vlaanderen
-
De solidaire economie: weinig gekend en toch toegepast
-
Succesvolle Open Bedrijvendag voor de sociale economie