Vlaamse politici kiezen eensgezind voor de sociale economie

  • 06/04/2009
Printervriendelijke versie

 

Antwerpen - Op 25 maart debatteerden de kopstukken van vier Vlaamse partijen over sociale economie. Aan tafel zaten Caroline Gennez (sp.a), Margriet Hermans (Open VLD), Kris Peeters (CD&V) en Mieke Vogels (Groen!). Guy Tegenbos modereerde. Bea Cantillon en Josse Van Steenbergen (Universiteit Antwerpen) gaven op tijd en stond hun kritische reflectie op wat ze hoorden.

"Het leek wel een anderhalf uur durende promotiespot voor sociale economie", besloot Greet Castermans, directeur van VOSEC, achteraf.

 

Kansen door de crisis

Dat we collectief met een kater zitten met de huidige financiële en economische crisis staat voor iedereen buiten kijf. De overheersende winstmaximalisatie moet vervangen worden door een economie gebaseerd op waarden. 'Winst op lange termijn' wordt het sleutelwoord.

Mieke Vogels: "Economie blijkt nu toch een menswetenschap te zijn op basis van afspraken die de mensen maken."

Opvallend was hoe de panelleden, elk op hun manier, de sociale economie als inspiratiebron zien voor een nieuwe kijk op -of minstens een bijsturing van- de economie.

Kris Peeters: "We moeten ons de vraag stellen hoe we willen ondernemen, hoe een bedrijf te runnen. We kunnen daarbij veel leren op wat hier is opgebouwd door de sociale economie."

Zo kan bijvoorbeeld gekeken worden naar de doelen en resultaten waar je een onderneming en bij uitbreiding de economie op afrekent. Sociale economie vertrekt vanuit een maatschappelijke winstmaximalisatie en houdt dus rekening met meer parameters dan de financiële winst alleen.

Mieke Vogels: "De huidige afspraak is om welvaart te meten aan het BBP. Maar die maat telt alles op behalve wat goed is voor de mensen. We hebben andere welvaartsmaten nodig."

Margriet Hermans: "Ondernemers worden gemotiveerd door winst maken. Dit is nodig om hen initiatief te laten nemen. Ook dat is mensen kansen geven. Ondernemers voelen ook dat ze bij de neus genomen zijn."

Naast de inspirerende praktijk van tientallen jaren anders ondernemen ziet men bovendien nog een sterke toekomst voor de sociale economie. Daarbij balanceert de visie van de sprekers tussen de sociale economie als duidelijk onderscheiden sector, en het idee dat de sociale economie helemaal onderdeel is van de reguliere economie. Maar alleszins is duidelijk dat de noden waar de sociale economie nu op inspeelt een extra inspanning vragen de komende jaren.

Caroline Gennez: "We moeten slimme socio-economische keuzes maken. Er zal altijd nood zijn aan... kinderopvang, kwaliteitsvol onderwijs, netheid van straten en pleinen..."

 

Zwaar geïnvesteerd

De panelleden uit partijen van de huidige Vlaamse meerderheid benadrukken de verwezenlijkingen op vlak van de sociale economie de afgelopen legislatuur.

Kris Peeters: "Op Vlaams niveau hebben we al zwaar geïnvesteerd in sociale economie. De budgetten en het aantal werknemers zijn sterk gestegen. Deze Vlaamse regering heeft overduidelijk de kaart van de sociale economie getrokken. En dat moeten we blijven doen. De sociale economie heeft daar goed en innovatief op ingespeeld."

Opvallend gelijklopend waren de antwoorden op de vraag of er opnieuw een minister van sociale economie moet komen. "Wel een aparte bevoegdheid, maar toe te voegen aan een ander -groter- bevoegdheidsdomein", klonk het zowel bij sp.a, VLD en CD&V. Komen in aanmerking: ofwel Werk ofwel Economie.

Margriet Hermans: "Sociale economie is een volwaardige vorm van economie. Het hoort daar dus onder maar je moet het wel apart vernoemen."

Caroline Gennez: "We moeten dat in één hand zien met Werk. Indien het kan: Economie daar ook nog bij."

Kris Peeters: "Waarom bij werk? We moeten meer mensen aan werk krijgen. Dat geldt ook voor specifieke doelgroepen. Hoe krijgen we ze nog meer dan nu in sociale economie?"

Mieke Vogels: "Een aparte minister mag, maar belangrijker zijn goede afspraken. Bijvoorbeeld over de lage verloning van die mensen. Vooral van wie permanent in sociale tewerkstelling zit. Een art.60-er verdient soms meer dan wie op dezelfde werkvloer in de sociale werkplaats werkt. Dat kan niet."

 

Continuering van het beleid

Als het aan de huidige Vlaamse regering ligt wordt er verder gewerkt op het gevoerde beleid. Eén actiepunt wordt dan het samenvoegen van de beschutte en sociale werkplaatsen tot maatwerkbedrijven, het zogenaamde eenheidsdecreet. Dit dossier willen ze finaliseren. Daarnaast denken zowel sp.a als CD&V aan het toekennen van een 'rugzak' met steunmaatregelen aan de werknemers waarmee ze overal aan de slag kunnen gaan. Op die manier willen ze nog beter op maat van de doelgroep werken en bijkomende inspanningen doen om mensen van sociale economie naar de reguliere economie te laten gaan. Daarmee kan de reguliere economie ook van de voordelen van het beleid genieten.

Bijsturingen van het beleid ziet men vooral op vlak van transparantie.

Kris Peeters: "Het is absoluut noodzakelijk om meer transparantie en duidelijkheid in de regelgeving te krijgen. Als ik zie dat er nu zelfs soms concurrentie of concurrentievervalsing ontstaat binnen de sociale economie zelf... Dan is het al ver gekomen. Het is hoog tijd om dat aan te pakken."

Een sociale economie-ondernemer uit de zaal confronteerde de panelleden met een ander knelpunt. "Als ondernemers moeten we concurreren met interim, beantwoorden aan tenders, EFQM, openbare aanbestedingen. We willen wel ondernemen. Maar het beleid verandert momenteel tweejaarlijks. We vragen af te stappen van ad hoc oproepen, van korte termijn visie. We vragen lange termijnvisie."

Caroline Gennez: "Laten we alvast afspreken om sociale economie te verankeren als bevoegdheid. We hebben nu gewerkt op drie poten: invoeg, lokale diensteneconomie en maatwerk. We willen in de toekomst nog meer werken aan het instrumentarium. En wat betreft de tenders mag niet alleen de prijs een criterium zijn, maar ook de omkadering en begeleiding. Op dit moment is dat nog te weinig."

 

Meer dan inschakelingseconomie

Mieke Vogels: "Wij willen ook inzetten op het uitbreiden van de coöperatieve sector richting welzijn. Zo kunnen er bijvoorbeeld kinderdagverblijven worden opgezet in of omgevormd tot een coöperatieve onderneming."

De andere partijen hadden deze aanzet - en een prikje van de moderator - nodig om het over een sociale economie te hebben die ruimer gaat dan louter de inschakelingseconomie. Ook de coöperatieve economie, één van de founding mothers van de sociale economie kan op belangstelling rekenen van het panel.

Caroline Gennez: "Uiteraard willen we de coöperatieve economie ondersteunen en stimulansen geven. En daarbij kunnen we ook de vraagzijde groeperen. Bv. met de hoge stookolieprijzen heeft sp.a geprobeerd met burgers samen aankoop te organiseren om de prijs te drukken."

Ook Josse Van Steenbergen en Bea Cantillon stuwden het debat verder dan de inschakelingseconomie.

Bea Cantillon: "De sociale economie zit nog te veel in het cocon van projecten die werken met kansengroepen. Veel bedrijven hebben een finaliteit op zich."

Josse Van Steenbergen: "De verdere uitbouw van de sociale zekerheid is altijd een antwoord geweest op een crisis. Uitsluiting los je niet enkel met geld op. Dan geef je het signaal: 'We hebben je niet nodig'. Sociale zekerheid moet insluiten."

Waarna de meerwaarde van de sociale economie nog duidelijker geformuleerd werd: niet alleen als een antwoord op het recht op arbeid, maar vooral het recht op zinvol werk met toegevoegde waarde waarbij ieder maximaal ingezet wordt naar diens mogelijkheden. Deze opdracht heeft de sociale economie met veel professionalisme en ondernemerschap aangepakt, vindt het panel.

Mieke Vogels: "Maar dan moet de verloning ook eerlijk zijn. Soms leven we om te werken, ook in sociale economie. Bijvoorbeeld een alleenstaande moeder met drie kinderen die verplicht wordt om voltijds te werken."

 

Verwachtingen

Een debat waarin meermaals de verwezenlijkingen van de sociale economie worden benadrukt. En met partijen rond de tafel die daar verder willen in investeren. Dat creëert natuurlijk verwachtingen!

Greet Castermans, directeur van VOSEC, reflecteerde na het debat op wat ze hoorde vertellen. Ze vertaalt de boodschappen in een aantal wensen vanuit de sector.

"Het is een luxe. Meer dan anderhalf uur hebben onze politici sociale economie gepromoot. Ik hoorde instemming over een minister met beleidsbevoegdheid sociale economie. We hoorden vertellen over het belang van lange termijnplanning. Dus rekenen we op een regeerakkoord dat duurzaam ondernemerschap in de sociale economie mogelijk maakt. Het volgende regeerakkoord zal ook -horen we- de budgetten voor sociale economie verankeren en zorgen voor een stabiele, transparante financiering. Denken we daarbij vooral aan de lokale diensteneconomie en de klaverbladfinanciering.

Activering is heel belangrijk om mensen mee in trajecten te brengen. Maar processen in de sociale economie zijn menselijk en waardegedreven. Dit vermarkten tart elke logische zin van kijken naar mens en psychologie.
We hoorden ook de wil om te saneren in de diverse regelgeving. Dit moet het de managers/ondernemers in de sociale economie gemakkelijker maken in de toekomst.

Tenslotte kijken we ook uit naar het belang dat de komende Vlaamse regering aan coöperatief ondernemen wil geven. Het coöperatief ondernemen is een essentieel basisonderdeel van de sociale economie, ligt mee aan de oorsprong en dynamiek van onze sector. Laat ze bloeien."

Verslag: Geert Jespers