Sociale economie internationaal
Sociale economie in Noord en Zuid
Er bestaat een grote diversiteit binnen de sector van de sociale economie op wereldvlak. Alleen al hier in België bijvoorbeeld zijn er vanaf de jaren '80 tal van uiteenlopende initiatieven opgedoken, gaande van biologische landbouwinitiatieven tot organisaties voor alternatieve financiering. Ons land telt ongeveer 50.000 mensen die actief zijn in de sociale economie en samen ongeveer 1 miljard euro omzetten.
In het Zuiden krijgt sociale economie een andere invulling. Vaak betreft het eerder een informele economie. Microkredieten verlenen er de mogelijkheid aan armen om te werken zodat ze in hun bestaan kunnen voorzien. Microfinancieringsinstellingen herinneren soms aan de organisaties van vijftig jaar geleden bij ons die tot ziekenfondsen en vakbonden zijn uitgegroeid. De sociale economie in Vlaanderen telt drie solidaire financiers voor het Zuiden die als sociale investeringsmaatschappij investeren in microfinancieringsinstellingen (MFI's) in ontwikkelingslanden. Deze zijn Alterfin, Incofin en Oikocredit-be. De lokale partnerinstellingen in het Zuiden verschaffen op hun beurt microkredieten en financiële diensten aan kleine lokale ondernemers en de lokale sociale economie. Dankzij microkredieten beschikken kleine ondernemers, lokale coöperaties en mutualiteiten over werkkapitaal om hun producten en diensten uit te bouwen. Zo kunnen ze de vicieuze cirkel van de armoede doorbreken.
Op het werkveld in Vlaanderen zijn nog vele andere sociale economie-organisatie van hier meer en meer betrokken met de sociale economie in het Zuiden. De weg is nog lang, temeer omdat ook de sociale economie-organisaties die in ons land zich inzetten voor een meer eerlijke Noord-Zuidhandel veelal nog niet als groep zijn georganiseerd. Wel wordt dikwijls al een eerste aanzet gegeven via concrete projecten en initiatieven van sociale economieorganisaties uit Vlaanderen in het Zuiden. Een recente HIVA studie uit 2007 bracht de mondiale betrokkenheid van de sociale economie in Vlaanderen in kaart.
Ook met het MUSE project (Mondiale Uitwisseling Sociale Economie) wil VOSEC een aanzet geven in de richting van een mondiale betrokkenheid van de sociale economie in het Noorden met deze in het Zuiden.
Er zijn ook een groot aantal studies gewijd aan de mondiale aspecten van de sociale economie in haar geheel of een deel ervan (de coöperatieve vennootschappen, de mutualiteiten of de non-profit sector). Een standaardwerk in Vlaanderen dat zich toelegt op de analyse van het de sociale economie in het Noorden en het Zuiden is "Sociale economie in Noord en Zuid. Realiteit en beleid, Leuven: Garant, 267 p" (Jacques Deourny, Patrick develtere en Bénédicte Fonteneau).
De Europese dimensie
In de Europese Unie hadden in 2005 de sociale economieorganisaties meer dan 1 miljoen mensen in dienst. Ze waren goed voor 4% van het BNP in de Europese Unie. In de recente decennia heeft de sociale economie naast haar kwantitatieve belang het vermogen doen gelden om een effectieve bijdrage te leveren aan het oplossen van de nieuwe sociale problemen. Ze heeft ook haar positie versterkt als een noodzakelijke instelling voor stabiele en duurzame economische groei, die diensten koppelt aan behoeften. Daarnaast verhoogt de sociale economuie in Europa de waarde van economische activiteiten die voldoen aan de sociale behoeften. Zij zorgt ook voor een eerlijkere verdeling van inkomen en vermogen, een herverdeling van de onbalans in de arbeidsmarkt en in het kort verdieping en versterking van de economisch democratie. CIRIEC (Internationaal Centrum voor Onderzoek en Informatie over de Openbare, Sociale en Coöperatieve Economie) publiceerde in december 2007 een gedetailleerd overzicht en analyse van de sociale economie in de Europsese Unie: De sociale economie in de Europese Unie.
Platforms en netwerken van de sociale economie in Europa
In Europa zijn er verschillende federaties actief die sociale economieorganisaties vertegenwoordigen vanuit een sectorperspectief.
Voorbeelden zijn:
- De talrijke familie verenigingen van coöperaties en onderlinge maatschappijen;
- www.inaise.org (internationale vereniging van investeerders in the sociale economie)
- www.rreuse.org (Ledenorganisatie voor sociale netwerken en sociale economie organisaties in recyclage en hergebruik).
- The European region of the International Co-operative Alliance. www.coopseurope.coop
- www.revesnetwork.eu
De meeste van deze organisaties zijn lid van CEP - CMAF, de permanente Europese conferentie van coöperaties, onderlinge maatschappijen, verenigingen en stichtingen. Deze organisatie is momenteel de gesprekspartner rond sociale economie voor de Europese instellingen. Deze organisatie werd in december 2007 omgedoopt tot Social Economy Europe (www.socialeconomy.eu.org).
In sommige landen hebben de ledenfederaties het sectorniveau overschreden en transversale platformorganisaties opgericht die expliciet verwijzen naar de sociale economie. Voorbeelden hiervan zijn:
- Frankrijk: CEGES www.ceges.org
- Spanje: CEPES www.cepes.es
- Ierland: PARTAS: www.partas.ie
- Belgie - Vlaanderen: www.vosec.be
- Belgie - Wallonië: www.concertes.be
- Polen: www.skes.pl
- ...
Verwante nieuwsberichten
-
Europese programma's en sociale economie: een win-win?!
-
Sociaal kopen. Gids voor de inachtneming van sociale overwegingen bij overheidsaanbestedingen
-
Sociale economie in de ontwerp-regelgeving voor EU-cohesiebeleid 2014 - 2020
-
Middenveld en sociale economie
-
Naar een Europese definitie voor sociale onderneming?
-
Kleis wordt het “Kenniscentrum Sociaal Europa”.